Jacques Wallage over het begrip Allochtoon
Schaf het begrip allochtoon af adviseert de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO). Het begrip ‘niet van hier’, want dat is wat we zeggen met de aanduiding allochtoon, is een tikje lachwekkend voor mensen wier ouders soms al hier zijn geboren. Dan ben je tweede of derde generatie niet van hier. Op zich goed je op die term te beraden. Maar de reacties zijn voorspelbaar. Wie politiek de kost verdient met het aanscherpen van het integratievraagstuk vindt het een belachelijk voorstel. De Raad krijgt het verwijt een ernstig vraagstuk weg te definiëren. Maar ook serieuze onderzoekers zijn tegen. Je kunt de ontwikkeling van de integratie niet goed in kaart brengen als je de doelgroep niet definieert.
Hoe kunnen we (bv) het onderwijssucces van Friezen meten als we niet eerst vaststellen wat een Fries is. Iemand die in Friesland woont of een kind van Friese ouders? En elke insnoering van de groep brengt zijn eigen problemen mee. Beperk je je tot de in Friesland woonachtigen dan mis je veel opwaartse mobielen, die inmiddels in Amsterdam wonen.
Belangrijker dan de indelingen die de overheid of de wetenschap maakt is hoe mensen zichzelf beschouwen en hoe anderen hen zien. In dat proces heeft het begrip allochtoon zijn beste tijd gehad. Paspoort, geboorteplaats, territorium gebonden definities, ze helpen maar beperkt zicht te krijgen op identiteit.
Hoe wij onszelf zien, wat wij van onszelf als wezenlijk beschouwen wordt nu eenmaal niet door formele indelingen bepaald. Het wij-zij denken, allochtoon-autochtoon, versimpelt de werkelijkheid onaanvaardbaar. We hebben meervoudige identiteiten, we zijn man of vrouw, homo, hetero of bi, wel of niet religieus, conservatief of progressief, we voelen ons meer of minder Groninger ook al zijn we hier niet geboren, onze loyaliteiten zijn gelaagd. Zoals die Italiaanse ijsmaker in Amsterdam. Hij woont er al decennia, als Ajax tegen Milan voetbalt hoopt hij dat Ajax wint, maar spelen ‘wij’ tegen Italië dan heeft hij het opeens moeilijk.
Ruimte maken voor meervoudige identiteiten is een belangrijke bijdrage aan ontspannen samenleven. Kinderen en kleinkinderen van Turkse migranten zijn wel van hier. In die zin zijn ze autochtoon. Maar ze zijn, als ze daar zelf voor kiezen, de gelukkige bezitters van een meervoudige identiteit, Turkse-Nederlanders. Identiteit kies je, het is geen hokje waar de overheid je in duwt. Wie anders dan ikzelf bepaalt of en in welke mate ik een joodse, sociaal-democratische Groninger ben ?
Jacques Wallage
( hoogleraar ‘integratie en openbaar bestuur’)
